Je hoofd loopt om : Guggenheimer,Meier Boersma, Bo polak, Dim Balsem, Maarten Kal, Jaap Hermans, Taina Lagoeiro, Aukje Dekker, Dirk Hanekroot, Sarah Mei Herman, Gijsbert Hanekroot

Previous post: «

In de voetsporen van Polaroidman

polaroid002w.jpg

Voor het fotoproject Document Amsterdam werden Bo en Meier gevraagd, samen met 50 andere fotografen, een weekend lang het uitgaansleven van Amsterdam vast te leggen. Wij kozen er voor om polaroid fotografen te volgen met als bedoeling de oorspronkelijk genomen polaroidfoto’s ” te onder scheppen “. En wij werden op onze beurt weer gevolgd door journalist Arthur van den Boogaard die een reportage schreef over onze tocht door de stad. Het resulteerden in de volgende fotoserie en verhaal.
Foto’s : 5 anonieme polaroid fotografen
Tekst : Arthur van den Boogaard

Lees verder

polaroid005w.jpg

polaroid001w.jpg

In de voetsporen van Polaroidman

Noem mij een sociologisch experiment. Een doorgeefluik voor al die anderen die op de 19de december 2009 uitgaan. Voor even – een avond, een dag – zijn al die anderen ook echt al die anderen tezamen; zijn zij zij, het grote zij. Iedereen zij dus, behalve Bo & Meier: de afgestudeerde filmproducent/fotograafkunstenaar en de afgestuurde cultureel manager/fotograafkunstenaar, twee gezworen partners in crime en voor deze keer vervullend de rol van klikkende soldaten van het Droste Effect: wij fotograferen hoe hij zij fotografeert. Wij, hij, zij. En ik?

Ik ben het doorgeefluik.

Van flarden: tekst.

Van feiten: tekst.

Van de dubbelste bodem: tekst.

Kortom, ik ben de producent van woorden: tekst, en daarmee ben ik – zoals altijd eigenlijk – zo ineens weer een heel klein beetje ook die profeet van de omweg; de allermooiste omweg ooit verzonnen: de objectieve waarneming vastgelegd in pure tekst.

Tekst 1: ‘Ik heb met meier om 14:30 afgesproken en bel je rond 15:00.’ (Mail van Bo Polak op 19 december 2009 13:07:53 GMT +01.00)

Tekst 2: ‘Meijer en ik hebben een telefoonnummer van een Polaroidfotograaf. Kennen hem ook wel een beetje. Wij hopen hem te treffen in Café Niet Nader Te Noemen , ergens rond de klok van zes uur. Daar is hij vaak. En dan gaan we hem volgen. Het idee om zelf zo’n fotograaf te spelen vonden we toch een beetje…. te verzonnen. De echte Polaroidman moet dan wel telkens twee foto’s maken; anders hebben wij er geen. Daar betalen we voor hoor; drie euro per stuk geloof ik. Kan inderdaad een duur avondje worden.’ (Bo door de telefoon om 15.10 uur; ‘Alles voor de fotografie’, zei Meier op de achtergrond.)

Tekst 3: ‘Heb net met de belangrijkste Polaroidfotograaf van Amsterdam gesproken. En hij begint altijd pas rond half tien. Dan volgt hij een vaste route, via de Nieuw Markt en zo richting Haarlemmerstraat. Wij mogen mee en verder weet ik het ook niet.’ (Bo door de telefoon om 17.54 uur.)

Gereedschap? Een A6 notebook van hoge kwaliteit, met een harde cover en bij aanvang nog onbeschreven; twee zwarte microschrijvers van de HEMA en de blik van een doorgeefluik aangevuld met enige achtergrondinformatie.

Over de Polaroidfotograaf: debuut onbekend; voortgekomen uit de Rozenverkoper (zie ook fotoboek The Instant Men); in Amsterdam ‘benne ze ongeveer met hun tienen’; tachtig procent is afkomstig uit Bangladesh; ‘ze wonnuh met z’n allen in een groot huis in Oost en werken voor de eigenaar die hen ook hun camera’s geeft’; de polaroidcamera’s zijn sinds enkele jaren vervangen door Fuji instant camera’s zonder gevolgen voor de naam; huidige status is een achterhaald bestaan.

(Check vooral ook de site www.polanoid.net of maak een foto met je I-phone van het rare plaatje dat hoofdredacteur Sander N. heeft gemaakt zodat je via een of andere kekke applicatie direct naar die website wordt gestuurd.)

Veel van deze info was ooit een ooit vertelt verhaal van Ruben, de houder van de Amsterdamse kunstgalerie Vriend van Bavink en in het komende verhaal zeker niet onbelangrijk; de blonde man met soms een vinger op de neus was – en is de belangrijkste vertrouweling van Polaroidman Nummer 1.

Met hem begint het. Tenminste niet na noemen van de passend bij een sociologisch experiment te formuleren hypothese: ‘Het maken van polaroidfoto’s van uitgaand publiek kent hogere grenzen van intimiteit dan de onbekendheid met de fotograaf doet vermoeden.’

Kom maar op tekst. Kom maar op.

‘So you are the artist!’ Enthousiast valt Meier (sorry, Ruben moet toch nog even wachten); Meier dus, valt zijn kompaan in het criminele bij. Bo heeft Polaroidman 1 het idee van de avond uit de doeken gedaan en het tweetal kunstenaars hebben er zin in. Nu de maker zelf nog.

Meier: “Het gaat ons om foto’s die sowieso gemaakt zouden worden. Toevallig onderscheppen wij ze, maar die foto’s waren er ook zonder ons geweest.”

Bo: “En we betalen er gewoon voor.”

Polaroidman 1: “That is okay. Just wait here. Aan het einde van de avond kom ik met zo’n tien a vijftien foto’s terug.”

Probleem! Dat is niet het idee. Bo & Meier willen mee. Om hem te fotograferen tijdens het fotograferen. En om hem waar nodig bij te staan. “Ik kan de mensen die jij hebt overtuigd om een foto te laten maken weer overtuigen van ons idee, zodat ze begrijpen waarom je een tweede foto maakt en die weer meeneemt,” zegt Bo. “We work as a team!”

Probleem! Hem fotograferen is om redenen van illegaliteit uitgesloten. En verder vindt Polaroidman 1 het wel een aardig idee, maar niet deze avond.

-“Het moet vanavond. Dat vraagt het allesoverkoepelende idee.”

-“No, not tonight. Jullie zullen me ophouden.”

Probleem! Polaroidman 1 doet zijn route met de fiets en vreest dat het allemaal niet snel genoeg zal gaan. Tijd voor Ruben, bij toeval ook aanwezig in Café Niet Nader Te Noemen.

“This is Meier,” zegt hij en wijst naar Meier.

“This is Bo,” zegt hij en pakt Bo even vast.

“Helemaal okay! Allebei.”

Polaroidman 1 lacht zijn tanden bloot. Zoals hij dat al de hele tijd doet. Maar de komst van Ruben heeft het lachen toch een net andere lading gegeven. Hij vertrouwt de galeriehouder.

“Ze blijven op de achtergrond,” zegt Ruben. “And they won’t slow you down.”

Polaroidman 1 lacht een Rubenlach. De woorden van de galeriehouder zijn hem meer waard dan die van de kunstenaars. Toch heeft hij nog steeds een probleem. De uitleg – en het maken van een tweede foto wordt lastig. “It will slow me down.”

Zo’n tien minuten vertrouwenswekkende woorden van Ruben later is er een overeenkomst. Bo & Meier mogen mee in de Nieuwmarktbuurt, maar daarna gaat Polaroidman 1 zijn eigen snelle pad.

Bijna tien cafés later zijn vier foto’s gemaakt. Twee voor uitgaande Amsterdammers, twee voor de kunstenaars. Polaroidman 1 is dus dubbel betaald, maar wil nu toch echt weer zijn eigen weggaan.

“This area is okay Ruben said, now i want to go my own way,” zegt hij. Pogingen hem over te halen – ‘het ging goed toch?’ – stranden. “Please, please,” zegt Polaroidman 1 en lacht. Bo & Meier herkennen deze inmiddels – de lach zonder Rubensvertrouwen – en geven toe aan zijn smeekbede. Even later verdwijnt Polaroidman 1, fietsend de koude nacht in (gevoelstemperatuur minus 10,1 graden Celsius).

Aan tekst voorlopig geen probleem. Maar twee foto’s is wel wat karig. Tijd voor een nieuw idee. Terugkeren naar het oude, oppert Bo.

“Ja, dan gaan we ons voordoen als polaroidfotografen, gaan we allerlei kroegen langs, maken foto’s en hebben dan uiteindelijk een heel verantwoord kunstproject,” zegt Meier. Hij kijkt alsof hij zojuist een hele vieze scheet heeft gelaten. Het argument van Bo dat ze niet voor niets in de middag echte polaroidfilms voor hun eigen camera’s hebben gekocht, kan hem niet vermurwen. Polaroidman spelen vindt hij niks. Meier wil de werkelijkheid op de staart trappen.

-“Misschien moeten we er gewoon één gaan volgen,” zegt Bo. “Zonder dat hij het merkt.”

-“En dan vragen we aan de gefotografeerde uitgaanders of wij hun foto mogen in ruil voor een nieuwe,” zegt Meier. “Die maken wij dan met onze eigen camera.”

Het nieuwe plan schreeuwt om een nieuwe plek: café De Blaffende Vis. Opgewonden fietst het tweetal naar De Jordaan. Van de koude merken ze niks. Meier: “Dit idee komt nog dichter bij de kern. Toch gemaakte foto’s ontfutselen aan de werkelijkheid.”

Binnen de duur van één gedronken bier meldt zich Polaroidman 2 in het café. Het lukt hem zijn diensten te verkopen aan een uitgelaten groep van vrienden. En als hij na het verlaten van het café door Bo op onopvallende wijze wordt gevolgd, doet Meier ook een geslaagde poging de polaroid van de vriendengroep te krijgen.

“Jij krijgt deze, maar dan willen we er wel twee voor terug,” zegt de aangewezen woordvoerder. “Deal,” zegt Meier en drukt vanaf de hoge balustrade in het café twee maal af.

De oogst van de avond staat op drie foto’s. Het idee leeft nog steeds.

“Wat zeg je? Hij loopt ontzettend langzaam en gaat nergens naar binnen.” Meier heeft Bo aan de telefoon en hoort dat het volgen van Polaroidman 2 nog niet eenvoudig is. Bo vermoedt dat de beroepsfotograaf door heeft dat hij wordt geschaduwd. “Of hij heeft er geen zin in,” zegt Meier.

Even later is het tweetal weer verenigd. Polaroidman 2 duikt soms een kroeg in, maar maakt vervolgens geen enkele aanstalten om te fotograferen. Hij voelt zich bekeken. Bo & Meier overwegen hem aan te spreken, maar doen het niet. Ze keren terug naar De Blaffende Vis. Op zoek naar een volgende Polaroidman om te volgen.

Net binnen kunnen ze direct weer op pad. Maar al even snel blijkt dat iemand onopvallend volgen best lastig is. Ook Polaroidman 3 heeft zijn volgers in de smiezen. Afwijkend gedrag valt op. Daarvan word je bewust als je het vertoont. Een fijn inzicht, maar niet noodzakelijk constructief voor het idee van Bo & Meier op deze avond.

Het tweetal besluit andere buurten te gaan scannen, te beginnen bij het Leidse Plein. Vragen aan een uitsmijter of ze nog wat fotografen hebben gezien. Fietsend over de grachten blaast de koude in hun gezicht.

“Alles voor de fotografie,” zegt Bo.

“Alles voor de fotografie,” antwoordt Meier.

De straten rondom het Leidse- en Rembrandtplein zijn niet geliefd bij Polaroidmannen. “Al jaren niet meer gezien die jongens, vermorzeld door de digitale fotografie,” is de eenduidige analyse van de gevraagde uitsmijters. Pas in de Pijp keren de kansen. Een café levert zelfs in één keer drie foto’s op. Jammer genoeg zijn er twee vrijwel identieke bij. Maar het is duidelijk dat in deze buurt markt is voor de Polaroidmannen. “Dit is echt de beste manier om het te fiksen,” zegt Meier. “Die gasten er gewoon niet bij betrekken.”

Het enthousiasme over de Pijp blijft. Het onvermogen tot onopvallend schaduwen ook. Alleen achter hem aanlopen, of juist met zijn tweeën, zodat er bij een volgende straat of kroeg kan worden afgewisseld: Bo & Meier proberen met variërende strategieën hun kwaliteiten als volger te verbeteren. Tevergeefs. Elke Polaroidman heeft het tweetal kunstenaars na drie straten, twee bochten en één kroeg door.

Drie, twee, een. Drie, twee, een. Drie, twee, een. De nacht is koud, de tijd tikt door en de behoefte aan meer foto’s nog steeds groot.

“Van die artiest hebben we nog geen werk,” zegt Meier en wijst naar een slenterende Polaroidman op een tochtige Albert Cuypstraat. “Voor het goede is iets meer kwantiteit wel nodig,” zegt Bo.

Drie, twee, een. Straat, bocht, kroeg. Langzaam groeit de verzameling. Maar ook komt de sluitingstijd van kroegen dichterbij.

“Ik kan er fysiek niet tegen om foto’s vernietigd te zien worden,” zegt Bo. Met dat argument – vol bravoure en met gevaar voor eigen leven gebracht – heeft hij zojuist een groep koorballen in de Pilsvogel overtuigt dat ze een gemaakte polaroid beter aan hem konden geven in plaats van deze te verfrummelen en in een glas bier te dopen.

Buiten, voor de deur van het café, toont hij trots de veroverde polaroid. “Maar die heb ík net gemaakt,” zegt Meier. Als bewijs haalt hij het origineel – de aan de werkelijkheid ontfutselde – uit zijn binnenzak. “Shit,” zegt Bo. Meier lacht.

Net op dat moment komt er een Polaroidman langs. In een flits kijkt hij en ziet z’n twee zwijgende, maar net iets te opvallende achtervolgers staan met allebei een polaroid in de hand.

Waar gaat dit heen? Tekst?

“The plot thickens,” zegt de aan de Nederlandse filmacademie afgestudeerde filmproducent/fotograafkunstenaar.

Die nacht zou het gaan sneeuwen, zo hevig dat het KNMI besloot tot het afkondigen van een weeralarm.

Arthur van den Boogaard.
polaroid004w.jpg

polaroid007w.jpg

polaroid008w.jpg

polaroid006w.jpg

polaroid009w.jpg

polaroid010w.jpg